Ga naar inhoud

Average Directional Movement Index

De Average Directional Movement Index (ADX) is een technische indicator die helpt te bepalen of er een prijstrend is. Hij werd ontwikkeld door Welles Wilder en beschreven in zijn boek ‘New Concepts in Technical Trading Systems’.

De eenvoudigste handelsmethode gebaseerd op de ADX houdt in dat twee richtingsindicatoren worden vergeleken: de 14-periode +DI en de 14-periode -DI. Om dit te doen, worden de grafieken van de indicatoren over elkaar gelegd of wordt +DI afgetrokken van -DI. Volgens Welles Wilder wordt kopen aanbevolen wanneer +DI hoger is dan -DI, en verkopen wanneer +DI lager is dan -DI.

Welles Wilder voegde een regel voor extremumpunten toe aan de handelsmethode. Deze regel wordt gebruikt om valse signalen te elimineren en het aantal transacties te verminderen. Het extremumpunt is het punt waar +DI en -DI elkaar kruisen. Als +DI hoger stijgt dan -DI, wordt het extremumpunt beschouwd als de maximumprijs van de dag waarop ze kruisen. Als +DI lager is dan -DI, wordt het extremumpunt beschouwd als de minimumprijs van de dag waarop ze kruisen.

Het extremumpunt wordt gebruikt als marktintrededrempel. Na het ontvangen van een koopsignaal (+DI is hoger dan -DI) moet men wachten totdat de prijs het extremumpunt overschrijdt voordat men koopt. Als de prijs er echter niet in slaagt het niveau van het extremumpunt te overschrijden, dient men de shortpositie te behouden.